Mensen die willen afvallen, kiezen tegenwoordig vaak voor een koolhydraatarm dieet. Vanuit allerlei hoeken worden dergelijke diëten gepromoot met argumenten die op zijn minst twijfelachtig zijn. Vaak wordt er geschermd met de nodige kennis van het menselijk lichaam, maar is de informatie slechts voor een deel op juistheid gebaseerd. De belangrijkste vraag is natuurlijk of het nu wel of niet een goed idee is om een koolhydraatarm dieet te volgen. En waarom dan...?

Laten we allereerst eens kijken wat koolhydraten eigenlijk zijn en wat ze doen in ons lichaam. Koolhydraten worden ook wel sachariden genoemd en zijn in feite letterlijk een hydraat van koolstof. Scheikundig gezien is een koolhydraat een verbinding van koolstof-, waterstof- en zuurstofatomen, waarbij de waterstof- en zuurstofatomen in een verhouding 2:1 voorkomen. In ons lichaam zijn de koolhydraten de energieleveranciers. Ze worden in het lichaam omgezet in glucose en die glucose wordt verbrand om energie te krijgen. Kortom, wanneer je koolhydraten op het menu zet, krijgt je lichaam voldoende energie binnen. Maar waarom zou je er dan voor kiezen om ze juist van het menu af te halen?

Wanneer je koolhydraten naar binnen werkt, zorgt dat voor een stijging van de bloedsuikerspiegel. Dat suiker in je bloed wordt getransporteerd naar cellen overal in je lichaam, om daar bij het verbrandingsproces betrokken te kunnen worden. Het lichaam gaat op dat moment insuline aanmaken, om de stijging van de bloedsuikerspiegel te kunnen reguleren. Dat insuline heeft als eigenschap dat het de opslag van vet in het lichaam stimuleert. Met andere woorden, wanneer je meer koolhydraten inneemt, zou je dus ook meer vetten opslaan. Zie hier de logica achter het koolhydraatarme dieet. Echter, dit is slechts de halve waarheid. De informatie klopt op zich wel, maar er wordt voorbij gegaan aan het feit dat insuline ook wordt aangemaakt bij het eten van eiwitten.

Het overschakelen op een koolhydraatarm dieet heeft bovendien een aantal andere effecten. Wanneer iemand afvalt door het verminderen van de inname van koolhydraten, ligt dat niet zozeer aan de koolhydraten op zich, maar aan het feit dat er minder calorieën worden ingenomen. Het is daarom verstandiger om te letten op de hoeveelheid calorieën, dan specifiek op de koolhydraten. Immers, het zijn niet de specifieke producten waarvan je dik wordt, het is de optelsom van het totaal aan koolhydraten, vetten en eiwitten dat je lichaam te verwerken krijgt. In feite zou het mogelijk zijn om af te vallen terwijl je alleen maar gevulde koeken eet, mits je de totale hoeveelheid ervan beperkt houdt. In het belang van een gebalanceerd dieet is dat overigens niet aan te raden.

Iemand die minder koolhydraten binnen krijgt, houdt ook minder vocht vast. Bij het opslaan van koolhydraten wordt namelijk tegelijk ook veel extra vocht opgeslagen. Vocht heeft een relatief hoog gewicht en dus verliezen we gewicht als we er minder van opslaan. De hoeveelheid vet blijft echter gelijk, terwijl we die juist omlaag zouden willen brengen wanneer we echt willen afvallen. Schijn bedriegt dus in dit geval. Overigens blijkt over het algemeen dat mensen die juist wel voldoende koolhydraten tot zich nemen, het leveren van een bepaalde prestatie doorgaans langer volhouden en ook minder snel opnieuw honger krijgen. Ook dat zou dus al een goede reden zijn om toch voldoende koolhydraten in de maaltijden te verwerken.

Dat laatste is overigens niet zo ingewikkeld. Koolhydraten vind je in brood, pasta, rijst en aardappelen, maar ook in frisdranken, vruchtensappen en in cake en koekjes. Kies je voor de vezelrijke opties, zoals volkorenproducten, maar ook diverse soorten groenten en fruit, dan bereik je daarmee bovendien dat je sneller verzadigd bent en dus niet zo snel de neiging hebt om opnieuw naar een maaltijd of ongezond tussendoortje te grijpen. Bovendien loop je het risico dat je onvoldoende vitaminen en mineralen binnen krijgt wanneer je teveel van deze producten zou schrappen van de menukaart. Zorg voor een gebalanceerd dieet, gebaseerd op de nieuwe schijf van vijf. Dan krijg je van alle voedingsmiddelen de juiste hoeveelheid binnen en blijf je vanzelf op het juiste gewicht.